Skinny love

Als ik naar muziek van Birdy luister moet ik steeds weer aan haar denken. Ook zij was tenger, a skinny love, maar dat wist ik nog niet toen we voor het eerst afspraken dat we ontmoeten zouden. Ze had veel van mijn blogs gelezen en was vaak geraakt, via Facebook raakten we in de chat en, ondanks het feit dat ze een hevige bedremmeldheid in zichzelf erkende, was ze bereid even te bellen en we hingen zomaar vier uur aan de lijn. De volgende dag zelfs langer; toen was ontmoeten natuurlijk onvermijdelijk geworden en ze stemde er gaarne mee in. A blind date dus van mijn kant af gezien. En toen het dan zover was en ik per trein zuidwaarts het land in reisde bekeek ik alle vrouwen onderweg. Zou ze er zo uit zien? Misschien wel heel erg dik? Uitgevallen tanden? Of juist bloedmooi maar super verlegen door die enorme gevoeligheid van haar? Want dat was me wel duidelijk geworden tijdens onze voorgaande interacties: ze was stellig gevoelig en intelligent, reageerde snel en adequaat op opmerkingen en met een bijzonder eigenzinnige humor. Waarop tijdens de telefoongesprekken vaak haar prachtig kirrend lachje volgde. En nu zat ik in de trein niet te weten welk uiterlijk er voor me verschijnen zou. Naarmate ik het station dat mijn bestemming was, en waar ze me op zou wachten, naderde, nam mijn voorstellingsvermogen steeds extremere vluchten zodat ik me af vroeg: waar had ik me nu weer mee ingelaten? Maar die vraagstelling viel in ene keer weg toen ik de trein was uitgestapt en aan het eind van het perron een jonge ranke vrouw, klein van stuk en in zwart gekleed en met prachtig donker haar om een smal gezicht naar me zag zwaaien. Ik was op slag gelukkig. Ze droeg een slobberbroek die niet strak om haar lijf zat zodat er heel wat te raden viel. En haar gelaat toonde fijne lijnen waar ik blij van werd; haar ogen keken intens naar wat ze zagen en schiepen onmiddellijk vertrouwen. We omhelsden en bleven zo, leek het wel, een eeuwigheid staan op dat perron. Eruit ontwakend, we wandelden al, zei ze dat ze innerlijk geheel stil was gevallen in mijn armen; precies wat ook ik ervaren had.

We liepen naar een begraafplaats waar ze vaker zat, op een bankje voor het graf van een oma van haar. Hier werd ze altijd rustig. Ze vroeg of ik dat gek vond. Maar ik vond het niet gek. Ze zei dat ze niet graag in grote gezelschappen verkeert. Nou, dan zat ze hier goed want iedereen was hier dood behalve wij. Ze moest erom lachen. Ik gaf aan zelf erg van begraafplaatsen te houden, je kunt er tenslotte iedereen vertrouwen. Weer dat heerlijk lachje. Nu ze op het bankje zat viel haar slobberbroek strak om haar benen; dat zag er bepaald appetijtelijk uit. Vertederend. Zo passend bij haar lieflijke stem ook. Ik smolt van bewondering voor dit prachtig schepsel dat, jammer voor anderen, graag solitair bestond en hier niet vaak van afweek. Maar nu wel voor mij; ik voelde de bijzonderheid hiervan al te goed. We besloten wat te gaan wandelen, verlieten het kerkhof en namen een route over weideland waar paarden binnen gespannen schrikdraad onze richting op kwamen. Ze lieten hun koppen strelen, we voelden dit als heilige momenten. Was ik echt nu met deze mooie jonkvrouwe, zeventien jaar jonger dan ik? Voor we het wisten stonden we weer in omhelzing zonder tijd of beelden. Op zeker moment zei ze dat dit beter is dan seks. Het was feitelijk het eerste moment dat ik meende iets anders te denken want ze was meer en meer aantrekkelijk voor me geworden en dan gaan de hormonen de breininhoud toch de geilheid in leiden. Maar tegelijk besefte ik hoe mooi dit al was; dit zou ik toch niet door de primaire driften willen laten bederven. Wat haar vertrouwen in mij alleen maar versterkte.

Ze sprak haar wens uit dat we samen ergens zouden kunnen gaan liggen. Een eigen woning had ze niet en het was te fris om lang neer te liggen in het vochtige gras, dus we zochten naar een alternatief. We liepen terug naar het treinstation zonder een alternatief te vinden. We hadden nog gekeken door het raam van een huis dat leeg stond en verbouwd werd maar er was geen deur open. Tenslotte eindigden we bij het station waar ik met haar instemming twee treinen voorbij liet gaan omdat we maar geen afscheid konden nemen. Onafhankelijkheidsverlangen en behoefte aan intimiteit leken in haar te strijden. Over de telefoon had ze al gezegd dat ze enorm preuts was en nu kwam het, staande naast een spoorboom, weer ter sprake. Ze zwom in het openbaar bijvoorbeeld altijd met een T-shirt aan. Waarop ik zei dat ik tijdens de heenweg drie jonge vrouwen in de coupé zag met zulke laag uitgesneden decolletés dat ik meende dat het wel ietsje minder mocht. Maar nee, ze zei: ¨dat vind ik nou wel leuk; maar ik ben preuts en doe dat niet¨. Jezus wat oprecht: mooi, smart, preuts en eigenzinnig. Het idee dat zo dan toch de trein genomen zou worden stond me niet bepaald aan. Ons uitzwaaien toen de trein in beweging was gekomen liet me een wond beseffen die ik voor deze ontmoeting niet kende.

Een tweede ontmoeting zou weldra volgen. Ze kende afweer tegen reizen in het openbaar; te gevoelig voor prikkels. Maar als ik nogmaals naar haar zou gaan, zouden we daar weer ontmoeten en wandelen en zien wat er van kwam. Oef, wat waren we weer blij elkaar te zien! Het was grijs en regenachtig maar voor ons scheen de zon. Weer gingen we naar de begraafplaats en naar oma. Weer spraken we honderduit op het bankje waar we de vorige keer ook zaten. De lucht werd grijzer, de regen nam toe en de zon ging bij ons van binnen alleen maar meer schijnen. Tegelijk drongen de meteorologische omstandigheden erop aan antwoord te geven op de onuitgesproken vraag of ze wel of niet mee naar Haarlem zou gaan. Ik hoefde alleen maar te vragen: ¨Ga je mee?¨ Ze zei ja. Wauw, vreugdesprong in mijn hart! En ze ging mee. En de reis verliep prima. Natuurlijk zou ze niet terug gaan diezelfde dag, dus de omarming in liggende staat, die we de vorige keer zochten, zou nu heel eenvoudig plaats vinden kunnen. En het aardige was ook dat ik deze dag had gekozen om zowel het roken als het drinken van alcohol tegelijk te staken, iets wat ik nog nooit eerder had gedaan. En me nu prima af leek te gaan.

Vond het spannend toen we mijn appartement binnen kwamen; wat zou ze ervan vinden? Tis rommelig, een werkplek, kerstverlichting in de lente, schilderwerken van mijn hand en hier en daar een erotische foto. Haar reactie was geweldig en zonder twijfel volstrekt spontaan toen ze uitriep dat het sfeertje binnen het interieur haar zo beviel dat het was alsof ze het zelf zo had ingericht! En die erotische foto´s dan, vroeg ik. Ze zei dat ze het een belediging aan mij zou vinden daar over te vallen. Ze voelde zich meteen thuis en binnen vijf minuten zaten we omstrengeld op de tweezitsbank niets en alles te wezen. De duisternis begon in te treden. Er heerste een melancholie om vervlogen tijden terwijl ik de geliefde in mijn armen hield, een constatering die me liet beseffen dat de melancholie niet het verleden maar ons toekomend afscheid betrof. Het altijd onvermijdelijke afscheid.

Drie etmalen zouden we samen zijn. We lagen in bed en erotische schuchterheid was wel enigszins voelbaar, maar omdat ik deze eenvoudig erkende en niet manipuleerde ging ze langzaam voor me open. Kon wel janken toen ik haar lieflijke borstjes uit het kleine behaatje zag vrijkomen. Ze genoot van mijn aandacht en mijn genieten. Ze verloor gaandeweg gêne en ontblootte zelf haar bovenlijf. Ze had nu alleen nog een broekje aan, dacht ik. Onder dat broekje vond ik echter ook een alleraardigst slipje die de verrassing alleen nog maar groter maakte. En dat slipje ging ook al uit met haar medewerking zodat haar rozet als het ware altaar van al mijn gebeden aan mij verschijnen mocht. Ze stond mijn tong en haar opwinding ongeremd toe en krioelde voor mijn ogen; dit was het hoogste geluk, ik wist het zeker! Ze draaide zich om, ik beroerde haar prachtige blanke smalle billetjes en begon er lyrisch over te spreken. ¨Het zijn maar gewone billetjes hoor!¨, zei ze terwijl ik een diepe lach mijn buik voelde ontschieten. Zo gewoon waren ze niet.

De volgende morgen hoorde ik gitaarmuziek en zang uit de woonkamer komen. Ze speelde voluit; ik bleef stil liggen luisteren en was zo blij haar getroffen te hebben, de vrouw die ook schreef en pasteltekeningen maakte. Toen de muziek gestopt was stond ik op. Niet veel later besloten we dat het een goed idee was de bus naar Bloemendaal aan zee te nemen om van daaruit naar Zandvoort te wandelen. Zomers weer, goede dag ervoor. Het bijzondere was dat we allebei schokken in onze lijven voelden op momenten in de bus erheen. Nadat we uitgestapt waren en hier over spraken leken ze in ons beiden alleen maar toe te nemen. Wonderlijk, wonderlijk, wonderlijk. Op het terras van een strandtent bestelden we koffie. We zaten naast elkaar op een rieten bank en hoorden lounge muziek welke bij navraag van Claude & Jean-Marc Challe bleek te zijn. In dit hemels sfeertje onder de zon en met een verkoelend windje waren de schokken tot rust gekomen maar de energie verzamelde zich in mij nu om via de ruggengraat op de stijgen naar de kruin, waar het als een fontein het oneindige in leek te spuiten. Hevige emoties speelden, die in de grote rust van onbeperkte ruimtelijkheid zonder drama ervaren werden.

De wandeling over het strand naar Zandvoort door schuimvlokken die juist voor de branding door de wind werden omgerold keer op keer. Ons gesprek kwam op seksuele ongevoeligheid die wat anders is dan preutsheid; want preuts ben je juist als je wel gevoelig bent. Wat was het woord er ook alweer voor? Ik kwam er niet op. ´Rigide´, zei ik op een gegeven moment. Pas in Zandvoort ontdekten we dat het ´frigide´ moest zijn toen we het alfabet langs gingen om het woord te vinden. De woorden lijken qua betekenis zeer verwant, maar frigide klopte beter. We verlieten het strand en besloten niet de trein naar Haarlem te nemen maar lopend te gaan. Er kwam geen sigaret of wijn in me op en ik was, door het wonder en de aanraking van deze vrouw, op slag sportief om niet te zeggen heilig geworden. Bij thuiskomst hield ik me zelfs aan haar dieet van heel eenvoudige en ongekookte groenten. Zat ik me nou aan te passen? Daar leek het wel op maar de aanpassing kon onmogelijk verkeerd genoemd worden; aanbidding maakt onverwachte vermogens los.

Door tijdig op te staan ook weer tijdig naar bed; heerlijk! De intimiteit was geen must; we spraken deze avond vooral veel, zoveel, dat het niet op hield tot diep in de nacht. Ze wou ergens even rusten. Ik besloot de laptop te openen en te beginnen aan een wonderlijk verhaal. Waarop ik haar lieflijke stem hoorde zeggen dat het geluid van mijn vingers op de toetsen haar de rillingen bezorgde; of ik er eeuwig mee door wilde gaan want ze vond het verrukkelijk. En wat een heerlijkheid bij het ontwaken haar naast me te vinden! Met het plan naar begraafplaats Westerveld te gaan, waar ook een zus van mijn begraven ligt. Maar niet echt hè, het stoffelijk overschot ligt daar maar mijn zus is in mijn hart. Toch kom ik er graag en zij vond het een prima idee. Toen we opgestaan waren zei ze: ¨ik kan het niet geloven; ik sta nu helemaal in mijn nakie hier bij je en ik voel geen enkele gêne¨. Och, ik smolt ter plekke en gaf haar een kus.

Na een douche kleedden we ons aan en gingen naar genoemde dodencamping. Een prachtig gewelfd terrein met graven en urnverzamelplaatsen alsmede zaken die erbij horen als bloemenshop, ontvangstruimte en helemaal boven, het crematorium. Ik word er altijd, tja, hoe zeg ik dat…opgewonden en blij van als ik op begraafplaatsen ben. Dit met respect ook; al zijn het allemaal heidenen die er liggen, er gaat voor mij toch een sacraal beleven van uit. Iemand die heel gelukkig is vindt de dood onrechtvaardig, maar wie gemarteld wordt is blij als ie voelt dat ie er snel aan bezwijkt. De dood is neutraal in die zin, en daar gaat voor mij een geruststelling van uit.

Op een gegeven moment vroeg ik haar iets dat van dit derde etmaal de noodlottige uitpak eigenlijk al voorspelde zag ik later pas. Ik vroeg: ¨als je straks weer thuis bent, hoe beschouw je ons dan? Beschouw je ons dan als twee geliefden met een vaste relatie?¨ Oef, ik kreeg het meteen een stuk warmer op deze al hete dag en hoorde in haar antwoord een twijfel die me wees op slechte timing en de gretige kwaliteit van mijn vraag toen ze zei: ¨Tja…ja…als je het zo vraagt dan lijkt het er op dat wij die relatie hebben.¨ Dat klonk niet overtuigend; ik hoorde weer onafhankelijkheid en behoeftigheid met elkaar in strijd, nu vooral in mij. Zij had zo-even nog gezegd dat ze wie weet in het buitenland wel met arme kinderen zou gaan werken. Mijn vraag sloeg nergens op, en was juist door haar opmerking gewekt. Ik wou haar aan me binden.

Deze derde avond overtrof de vorige twee, als je zoiets al zeggen kunt. De belangstelling voor erogene zones was compleet, van twee kanten. Preutsheid had compleet plaats gemaakt voor vrijelijk ondervinden in het vertrouwen dat we samen voelden. Wat eerst aftasten was geweest werd nu tot twee keer orgasme in haar terwijl ik haar zalvende tempel likte; er leek niets meer tussen ons te staan. Ze had me eerder verteld dat mannen die zij in zich had toegestaan vaak de lompheid vertoonden van op haar te klimmen, hun dingetje te doen en klaar om dan naast haar in slaap te vallen. Dit met ons was zo anders, oprechter en wederzijds, zei ze. Ze kon me niet blijer met haar woorden maken. En nu was ze erg bevredigd en viel ze na twee orgasmes zelf omver en ik dacht dat het mijn beurt was. Ik snapte wel dat ik geen recht aan wat dan ook kon ontlenen, het leek me eerder een kwestie van kalmeren. Dus bed uit, geen scene draaien, thee zetten en rustig worden in de huiskamer. Maar ik werd niet rustiger maar eigenlijk ontstemder. Dus nog maar een mok met kokend water gevuld en er een zakje in gehangen. Terug naar de woonkamer. Slikken, slikken, slikken. Het was maar thee en hielp niks dus terug naar de slaapkamer om haar aan te spreken. Ik meende dat ik wel rustig was geworden maar dat bleek niet zo want ze schrok van mijn stemgeluid. En ik herinnerde haar aan die mannen die na orgasme in slaap gekegeld zijn, en vroeg hoe dat dan andersom zat. Haar rustige ogen stonden opeens op scherp, ze zei dat ze zich opeens ´vies´ voelde, zei dat ze naar huis wilde vanuit dat vrijersbed. ¨Oké¨, zei ik, ¨doe dat dan vooral; vergeet maar dat je me toevertrouwde dat alles gezegd kon worden.¨ Dit derde etmaal niet-drinken en niet-roken eindigde met mijn vlucht naar een nachtwinkel waar ik de waren weer in sloeg en toen ik terug kwam was de jonge vrouw, die niet graag alleen reist, toch maar mooi vertrokken. En op mijn fietsje dacht ik alleen maar: ¨Ik mocht ook alles van haar zeggen; zij mocht vertrekken¨. Een doos Rembrandtpastels met de boodschap haar vrij te laten had ze in de hal voor me neergelegd voor als zij weg was en ik weer kon zuipen en roken.

Dit is precies die inspiratie die ze nu voor me is; zij kan leven met bijna niks. Het misbruik van middelen ook te kunnen laten zonder haar vlees bij me, als in de toewijding van die dagen, is nu mijn inspiratie. De ware vegetariër. Als ik nu Birdy hoor dan hoor ik haar gevoeligheid weer en mijn domheid op het beslissende moment. Hmmm, ik dank het hele avontuur mij gegeven en het hart van haar erin volkomen. Skinny love omhelst mij altijd, weet ik door de ether heen; ik wens het diepste dat je dit nog een keer leest lieve. Dat ik het ook weet en mijn vergissing heb gezien.

.

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.